We zeggen het allemaal wel eens tegen onszelf: Ik begin maandag. Of volgende maand. Of na de zomer. Of als het even rustiger is. Voor je het weet ben je maanden (of jaren) verder. Dat is precies waar het verschil zit tussen one day en day one. De ene klinkt veilig, de andere vraagt actie. “One day” is die stem in je hoofd die zegt dat je ooit gaat beginnen, dat is lekker makkelijk. ''Day one'' is het moment dat je gewoon begint. Niet perfect, niet helemaal voorbereid, maar gewoon: starten.
Wat is het belangrijkst? Niet of je faalt, maar hoe snel je weer opstaat. Dit noemen we ook wel je bounce back rate. Iedereen start wel eens met iets en stopt weer. Iedereen heeft fases waarin het even niet lukt. Dat is normaal. Het verschil zit ‘m in hoe snel je daarna weer doorgaat (en niet in een gat belandt). Sla je een week over in de gym tijdens een drukke week? Eet je een paar dagen niet zoals je wilde? Heb je een project nét iets te lang uitgesteld? Prima. Maar hoe snel pak je het weer op? Dat bepaalt uiteindelijk je uitkomst (niet die ene “slechte” dag).
Serieus, denk hier even over na. We hebben allemaal van die ongeschreven regels in ons hoofd: “Ik ben te laat begonnen”, “Op mijn leeftijd hoort dit niet meer”, ‘’Het heeft nu toch geen nut meer’’. Wie heeft dat ooit besloten? Jij bepaalt je eigen tempo. Jij bepaalt wanneer je begint. Er is geen tijdlijn waar je aan moet voldoen, hoe makkelijk dat ook is om soms te denken.
Lees hier ook: Deze vijf dagen moet je iedere maand voor jezelf inplannen
We zien vaak alleen het succes van mensen en vergeten hoe laat ze eigenlijk begonnen zijn of succesvol werden.
Er bestaat niet zoiets als “te laat”. Alleen “nog niet begonnen”. Nee, je gooit niet ineens je hele leven om. Sterker nog: dat werkt meestal juist niet. Begin juist klein. 10 minuten bewegen, 1 pagina schrijven, 1 gezonde maaltijd. Dat perfecte moment? Dat komt niet. Je brein bedenkt altijd wel een reden om nog even te wachten.